Hof van beroep schort bouwstop op: Trumps balzaal in Witte Huis mag tot 5 juni doorgaan

Een federaal hof van beroep in Washington heeft de bouwstop op de 400 miljoen dollar kostende balzaal die president Trump in het Witte Huis laat aanleggen, opgeschort. Daarmee kunnen de werkzaamheden in elk geval doorgaan tot 5 juni, de datum waarop een nieuwe hoorzitting gepland staat.
De beslissing draait een eerdere uitspraak van districtsrechter Richard Leon voorlopig terug. Die stelde de National Trust for Historic Preservation eind vorige maand in het gelijk en bepaalde dat de bouw binnen twee weken moest worden stilgelegd. Trump liet afgelopen herfst de oostvleugel van het Witte Huis afbreken om daar een balzaal te bouwen, tot afgrijzen van de erfgoedorganisatie.
Volgens de stichting heeft de president voor zijn bouwplannen toestemming nodig van onder meer het Congres. In zijn voorlopige oordeel omschreef Leon de president als beheerder van het Witte Huis voor toekomstige presidentsfamilies: "Hij is niet de eigenaar." Na bezwaar van de Amerikaanse regering paste Leon zijn bevel aan.
Het Witte Huis redeneerde dat het stilleggen van de bouw midden in Washington de nationale veiligheid in het geding zou brengen. De rechter gaf daarop groen licht voor het voortzetten van de ondergrondse werkzaamheden, maar hij blokkeerde tegelijk het werk aan de 8400 vierkante meter grote balzaal.
"Nationale veiligheid is geen vrijbrief om door te gaan met anderszins onwettige activiteiten", schreef Leon, terwijl hij volhield dat toestemming van het Congres vereist is. Drie rechters van het hof van beroep hebben de bouwstop nu opgeschort.
De stap is een opsteker voor Trump, die Leon er eerder van beschuldigde te "proberen te voorkomen dat toekomstige presidenten en wereldleiders een veilige en beveiligde ontmoetingsplaats voor grote bijeenkomsten hebben". De president stelt dat hij het recht heeft de balzaal te bouwen omdat donaties van rijke particulieren en bedrijven volgens hem de bouwkosten dekken.
De beveiligingskosten komen wel voor rekening van de Amerikaanse belastingbetaler. De juridische strijd draait om de vraag of het Congres toestemming moet geven voor de plannen. Op 5 juni volgt een nieuwe hoorzitting; tot die tijd mogen de werkzaamheden doorgaan.
